Amerika op weg naar bindende klimaatafspraken
[18/10]
Amerika heeft lang
de boot afgehouden: geen bindende afspraken over CO2-reductie. Onder druk van sommige
staten zoals Californië, en internationale druk vanuit de EU, is het tij aan het keren.
Het Amerikaanse Congres lijkt zowaar klaar nu wel bindende afspraken te maken. De vraag
is: wanneer kunnen we afspaken met de regering maken? Door Jos Cozijnsen [verschijnt in
Energiebeursbulletin okt 2007] Een peiling in Amerika gaf
onlangs aan dat een ruime meerderheid van de Amerikaanse bevolking wil meebetalen aan het
klimaatbeleid. Het was op zichzelf al een opmerkelijk bericht, maar er is meer aan de hand
in Amerika. In het Congres liggen inmiddels diverse wetgevingsvoorstellen voor nationale
emissieplafonds voor bedrijven. Diverse Staten, onder aanvoering van Californië, hebben
al strengere CO2-wetgeving voor industrie en transport aangekondigd. Alle
presidentskandidaten beloven het klimaatprobleem aan te pakken. President Bush
organiseerde vorige maand in Washington een eigen conferentie over klimaatverandering
(waar ook China was uitgenodigd). De Rainforest Coalition, een groep van twaalf
ontwikkelingslanden, wil de massale ontbossing in hun landen eenvijfde van de
totale mondiale CO2-emissies met steun van het Westen terug te dringen, en vindt
een luisterend oor in Amerika. Kortom: je zou bijna denken dat de VS mee gaan doen met de
internationale aanpak van klimaatverandering. De vraag is: is dat ook zo? Nieuwe Presidenten Om het
klimaatbeleid om te draaien zal wel meer nodig zijn dan een opvolger voor president Bush.
De afkeuring van het Kyoto Protocol door de VS zat veel dieper. Toen het Protocol in
december 1997 was overeengekomen met de Clinton regering in Kyoto, verklaarde aan aantal
senatoren in het Congres het Protocol al DOA: 'Dead On Arrival. De complete senaat
had tevoren al aangegeven dat indien China niet zou participeren, zij niet akkoord wilde
gaan. Dat is de reden dat Bush het akkoord nooit ter ratificatie aan de Senaat heeft
voorgelegd. Sommigen beweren
dat vader Bush wèl verder ging met de aanpak van het CO2-probleem. Hij had per slot van
rekening in 1992 het Klimaatverdrag aanvaard. Helaas is dat een onjuiste redenering. Het
Klimaatverdrag geeft aan dat industrielanden plannen zullen maken om de
broeikasgasemissies terug te brengen naar 1990 niveaus, maar verplicht ze daartoe niet. De
regering van Clinton heeft daarna pas, net als de EU, verklaard zich er ook aan te zullen
houden. Eind jaren negentig
hebben de geïndustrialiseerde landen afgesproken met de Clinton-regering dat
ontwikkelingslanden geen verplichtingen zouden hoeven aangaan. De grote fout daarbij was
dat werd nagelaten om af te spreken wanneer en hoe ontwikkelingslanden aan kunnen
sluiten op de klimaatafspraken. Ondergetekende was toentertijd zelf lid van de
Nederlandse klimaatdelegatie voor het ministerie van VROM. Nederland was net als andere
EU-listaten verheugd met het zogenaamde Berlin Mandate, dat tijdens de eerste
Partijenconferentie van het Klimaatverdrag, in maart Als we toen ons oor
al te luister hadden gelegd bij het Amerikaans Congres dat een internationaal verdrag kan
accepteren of afwijzen, dan hadden we toen al geweten dat het Berlin Mandate zou worden
afgewezen. Het probleem is natuurlijk dat je internationaal onderhandelt met de regeringen
niet met de Senaat; en Clinton en Gore wilden wel. Al Gore werd zelfs Kyoto ingevlogen om
zijn delegatie tot meer flexibiliteit te manen om tot een akkoord te komen. Andere dynamiek in VS Maar de dynamiek is
op het moment totaal anders dan tijdens Kyoto. De Amerikaanse regering onderneemt al jaren
pogingen de deur definitief dicht te doen en de EU en ontwikkelinglanden zich eeuwig tot
elkaar te veroordelen in een Kyoto Protocol. Dit zonder de VS en zonder plichten voor
landen als China en India.De VS werkte ondertussen aan vrijwillge technologie-programmas
buiten Kyoto en buiten de VN om. Dezelfde regering keurt een mondiale CO2-markt
stelselmatig af en vindt maatregelen tegen tropische ontbossing maar in het Kyoto Protocol
moet geregeld. Zelf tamboereerde Bush op zijn conferentie vorige maand nog op vrijwillige
afspraken voor de landen met de meeste emissies, dus naast de VS ook China, India, Zuid
Afrika, Brazilië, Mexico. Tevens pleitte hij voor een fonds voor schone technologie voor
ontwikkelingslanden, te vullen door regeringen. De meerderheid van
Congres wil juist nationale emissieverplichtingen met een emissiehandelssysteem en wil dat
er een koppeling komt met de internationale afspraken. De Senaat is zich er van bewust dat
als de VS geen verplichtingen op zich neemt, China en India nooit mee willen doen.
Tegelijk wil de Senaat dat áls de VS CO2-plafonds aanvaard, ontwikkelingslanden dat zelf
ook doen. Diverse Staten voeren ondertussen allerlei CO2-wetten in, juist bij gebrek aan
federale CO2-plichten, maar met steun van belangrijke bedrijven. Ook dat zet de Senaat
onder druk. bedrijven die in heel Amerika opereren hebben liever dat alle Staten
gelijkluidende CO2-verplichtingen invoeren. Er is dus een heel andere dynamiek in de VS.
Er wordt nu internationaal onderhandeld met een regering die geen harde afspraken wil,
terwijl het Congres dat juist wel wil. Bijzonder is ook
dat we in de EU en Nederland gewend zijn eerst een internationaal verdrag af te spreken,
en dan pas de uitvoering voor te bereiden. In de VS is dat andersom: de Senaat is
verplicht eerst nationale implementatie voor te bereiden, alvorens men een internationaal
akkoord sluit. Dat heeft alles te maken met compliance: ga niets overeen wat
je niet na kunt komen. Voor de EU is een politiek akkoord vaak leidend voor implementatie
later. Het Congres zit
ondertussen met een duivels dilemma: of CO2-wetgeving onder Bush invoeren die niet zo
streng is, of wachten op een nieuwe president en daarmee strengere afspraken maken. Van de
eerste optie is het voordeel dat het relatief snel kan (wellicht al in 2008), maar het
nadeel dat de EU en de internationale gemeenschap weinig onder de indruk zullen zijn. De
EU streeft bij internationale afspraken namelijk naar een reductie van 30% in 2020 ten
opzichte van 1990. Afspraken met een nieuwe president zullen waarschijnlijk strenger zijn,
maar het nadeel is dat die pas gemaakt kunnen worden op z'n vroegst in 2010. De kans is
groot dat de onderhandelingen over het vervolg op Kyoto al zijn afgerond. Klimaattop op Bali Dit jaar in
december vindt de jaarlijkse klimaattop plaats op Bali. De meeste milieu-organisaties en
de EU willen een mandaat vaststellen voor onderhandelingen, met als doel in 2009 een nieuw
klimaatverdrag op te stellen: het vervolg op Kyoto. Als dat mandaat er komt, is van belang
wat erin staat over de emissie-verplichtingen voor ontwikkelingslanden komen. Als er geen
verplichtingen in staan, maar alleen gebruik kan worden gemaakt van CDM-projecten en het
voorkomen van tropische ontbossing ook credits oplevert, zal de regering Bush tevreden
zijn. Maar het betekent wel het bankroet van Kyoto. De benodigde halvering van mondiale
emissies aan het eind van deze eeuw zal dan nooit bereikt worden. Een dergelijk akkoord is
bovendien een slecht teken voor de CO2-markt en lange termijn investeringen. De beste uitkomst
op Bali is dat de internationale besprekingen van de afgelopen worden voortgezet.
Voorstellen voor mondiale afspraken moeten ter tafel blijven komen. Landen als Mexico,
Korea, Zuid Afrika en Brazilië denken ook na over hun CO2-emissies, en het heeft tijd
nodig voordat daar concrete afspraken uit komen. Verder is nodig dat het voorkomen van
ontbossing door ontwikkelingslanden CO2-credits oplevert voor de toekomstige CO2-markt,
inclusief voor landen die daar nu al mee starten. Dat geeft de VS de tijd in het Congres
de benodigde strenge CO2-wetten alvast voor te bereiden. Ondertussen kan informeel met de
Senaat worden gesproken. Met dat perspectief voor ogen kan de opvolger van Bush in 2009
een akkoord voor het vervolg op Kyoto sluiten. Allemaal onder het mom: het duurt even,
maar dan heb je ook wat. Het geeft zekerheid te weten dat er een strenger vervolg komt;
dat is beter dan een te ambitieus, onhaalbaar Bali-mandaat nu. |
|