Publicatiedatum: 3/12/2003
Emissierechten zijn vergelijkbaar met effecten
Bij het wetsontwerp voor handel in CO2- en andere emissierechten heeft de wetgever over het hoofd gezien dat die handel kan leiden tot vergunningsplicht onder de Wet toezicht effectenverkeer. Zo'n vergunningsplicht brengt kostbare kapitaalseisen en rapportageverplichtingen met zich mee. In Groot-Brittannië wordt voor emissiehandelaren een lichter vergunningsregime gehanteerd dan voor volwaardige banken of effectenhuizen. De wetgever zou moeten overwegen om ook in Nederland voor emissiehandelaren een speciaal regime onder de Wet toezicht effectenverkeer te scheppen.
Met de voorgenomen wijziging van de Wet milieubeheer worden verhandelbare emissierechten in het leven geroepen. Het lijkt erop dat de wetgever zich geen rekenschap heeft gegeven van de mogelijkheid dat de handel in emissierechten een vergunningsplicht onder de Wet toezicht effectenverkeer (Wte) met zich meebrengt. De Wet toezicht effectenverkeer beoogt een adequate functionering van de Nederlandse effectenmarkten te handhaven om beleggers te beschermen. Deze wet reguleert de uitgifte van en de handel in effecten. Onder effecten worden niet alleen aandelen en obligaties begrepen, maar bijvoorbeeld ook opties en termijntransacties. Voor de handel in emissierechten is met name van belang de regelgeving voor de beroepsmatige handel in effecten door effectenbemiddelaars, ook wel 'brokers' genoemd; daarvoor is een vergunning vereist.
Wat heeft het adequaat functioneren van de effectenmarkten nu gemeen met handel in emissierechten? Op het eerste gezicht niets, want een emissierecht is geen effect. Toch is er wel degelijk een verband. Net zoals in het buitenland kunnen emissierechten immers worden verhandeld, bijvoorbeeld door middel van termijntransacties, callopties, putopties, collars of swaps. Partijen spreken bijvoorbeeld af dat de een van de ander op een bepaalde datum tegen een bepaalde prijs een bepaalde hoeveelheid emissierechten kan kopen, een zogeheten call optie. Of een bepaalde hoeveelheid emissierechten wordt gekocht met levering van die emissierechten over bijvoorbeeld 1 jaar, een termijntransactie. Dit type transacties valt allemaal binnen de definitie in de Wte van effecten. Het is daarbij niet relevant wat de onderliggende waarde van de transactie is. Ook maakt het niet uit of er sprake is van financiële afwikkeling van de transactie of daadwerkelijke levering van die onderliggende waarden.
De 'broker' in dit soort transacties is vergunningsplichtig. Maar ook bedrijfsmatig voor eigen rekening handelen in bijvoorbeeld opties of termijntransacties in emissierechten om winst te behalen kan een vergunningsplichtige activiteit zijn. De voorgestelde wijzigingen in de Wet milieubeheer en de Europese regelgeving op dit punt geven voldoende aanknopingspunten om dergelijke handel mogelijk en reëel te maken.
Het stelsel van vergunningen voor effectenbemiddelaren is in het leven geroepen om een adequate functionering van de effectenmarkten te handhaven en beleggers te beschermen. Daarom zijn er kapitaalseisen aan een vergunning verbonden, als waarborg voor het nakomen van financiële verplichtingen, en rapportageverplichtingen, om toezicht te kunnen houden. Die kapitaalseisen kunnen fors oplopen. En rapportageverplichtingen kunnen ook een flinke administratieve last opleveren. Er zijn uitzonderingen op de vergunningsplicht, maar die zullen niet altijd soelaas bieden. Zo is de uitzondering voorhandel met professionele partijen niet altijd beschikbaar, omdat emissiehandelaren vaak niet voldoen aan de criteria voor professionele partijen. Ook is er een uitzondering voor hedgen van bedrijfsrisico's, die vaak niet aan de orde zal zijn bij handel in emissierechten.
Er is tot nut toe niet gebleken dat de wetgever heeft nagedacht over deze vergunningsproblematiek. Van de toezichthouder, de Autoriteit Financiële Markten, is geen standpunt bekend. Ten onrechte. Nu er een wetswijziging op tafel ligt is dat dé gelegenheid bij uitstek voor de wetgever en de toezichthouder om zich hierover uit te laten. Vooral ook omdat in buitenlanden, zoals Groot-Brittannië, voor dit soort handel een verlicht vergunningsregime geldt. Britse emissiehandelaren hoeven niet, zoals volwaardige banken en effectenhuizen dat wel moeten, aan alle eisen voor een effectenvergunning te voldoen. Met name de kapitaalseisen die aan Britse emissiehandelaren worden gesteld zijn soepeler. Voorkomen dient te worden dat Nederlandse emissiehandelaren bij voorbaat al in een ongelijkwaardige concurrentiepositie komen, voordat de emissiehandel in Nederland zelfs maar van start kan gaan. De wetgever moet overwegen om ook in Nederland voor emissiehandelaren een speciaal regime onder de Wte te scheppen.
Marion Gloudemans
Marion Gloudemans is advocaat bij Clifford Chance LLP te Amsterdam.
Copyright (c) 2003 Het Financieele Dagblad