'Kabinet breekt belofte over CO2' [NRC 1/2]

Den Haag, 1 febr. In de Tweede Kamer is discussie ontstaan over de manier waarop het kabinet zijn belofte waarmaakt de uitstoot van broeikasgassen in Nederland deze kabinetsperiode te verlagen.

Uit antwoorden van minister Cramer (PvdA, Milieu) op Kamervragen blijkt dat zij bij het berekenen van de doelstellingen ook alle aangekochte emissierechten in het buitenland wil betrekken. Verschillende oppositiepartijen zeggen dat dat tegen de afspraak is.

Wijnand Duyvendak (GroenLinks) wijst erop „dat de daadwerkelijke uitstoot van broeikasgassen in Nederland omlaag zou gaan. De doelstelling wordt nu gehaald door handel. Dat is woordbreuk. Als we de minister hiermee weg laten komen is ze nergens meer op af te rekenen.”

Volgens Helma Neppérus (VVD) was de toezegging van Cramer „kraakhelder”. „Er is heel lang in de Kamer over gesproken. Dit antwoord staat haaks op de toezegging. De minister heeft geen goede informatie verstrekt”. Voor de VVD illustreert het dat de kabinetsdoelen te hoog te zijn. VVD, GroenLinks en SP willen opheldering. Diederik Samsom (PvdA) noemt de discussie „onzin”. „De daadwerkelijke binnenlandse uitstoot in Nederland doet er niet toe als je je aan een Europees handelssysteem verbindt”.

Het kabinet wil de uitstoot van broeikasgassen in 2020 met 30 procent verlagen ten opzichte van 1990. Op de korte termijn – deze kabinetsperiode – dreigt de uitstoot nog te groeien, maar eind vorig jaar committeerde minister Cramer zich eraan dat dit niet zal gebeuren. Zij beloofde een motie over te nemen die stelde dat de „nationale emissie van de broeikasgassen in 2011 lager is dan aan het begin van de kabinetsperiode”.

Volgens onderzoekscentrum ECN mag er ook met de rekenwijze zoals de minister die de Kamer meldt niet zonder meer vanuit worden gegaan dat de uitstoot onder die van 2006 komt.


Kamervraag / 2070802090

Vraag 1

Kent u het persbericht ‘Rijk sluit energieakkoord met Noord-Nederland’ van 8 oktober 2007, waarin als inhoud van het akkoord wordt gemeld dat “in 2011 (…) 4,5 Megaton CO2-emissiereductie (dat is 15 procent van de nationale doelstelling) is gerealiseerd”? 1)

Antwoord

Ja.

Vraag 2

Klopt het dat hieruit kan worden afgeleid dat de nationale doelstelling voor 2011, 30 Megaton CO2-emissiereductie is? Zo ja, waarop is deze tussendoelstelling voor 2011 gebaseerd? Zo neen, wat wordt hiermee wel bedoeld?

Antwoord

In het energie-akkoord zijn de gemaakte afspraken vertaald in een CO2-reductieprestatie om een ambitie te hebben die richting geeft aan de inspanningen die we hebben afgesproken. In het persbericht is die ambitie vervolgens gerelateerd aan benodigde nationale reducties in 2020. Deze getallen mogen echter  niet worden vergeleken met de doorrekening van ECN/MNP van het werkprogramma Schoon en Zuinig. Ze staan op zichzelf en er kan zeker geen nationale doelstelling voor 2011 uit worden afgeleid. Naar aanleiding van het VROM-begrotingsonderzoek op 31 oktober 2007 heb ik u op 5 november 2007 een brief gestuurd met het overzicht van tussendoelen voor 2011 van het “Werkprogramma Schoon en Zuinig: Nieuwe Energie voor het Klimaat”. Voor de nadere kwantificering van de tussendoelen verwijs ik u gaarne naar deze brief.

Vraag 3

Wordt met 2011 de afloop van de huidige kabinetsperiode bedoeld en mag hieruit worden afgeleid dat u zelf afrekenbaar bent op dit doel voor 2011? Zo neen, waarom niet?

Antwoord

Het kabinet wil afrekenbaar zijn op de implementatie van haar eigen instrumenten en op andere concrete prestaties zoals die in het werkprogramma staan vermeld. Voorbeelden van eigen instrumenten zijn: aanscherping van de EPC-waarde voor woningen, openstelling van de SDE-regeling en andere subsidieregelingen, overeenstemming in Europa over een herzien systeem van emissiehandel, etc.. Andere concrete prestaties zijn onder meer verdubbeling van de hoeveelheid wind op land, het aantal woningen waar een energiebesparingspakket is doorgevoerd, etc. Dit zijn allemaal concrete en harde doelen. Aan het eind van deze kabinetsperiode houden we dit alles tegen het licht en willen we daarop worden afgerekend. In 2010 zal dan ook een herijking plaatsvinden waarbij niet alleen de tussendoelen voor 2011 een rol spelen maar ook zal worden gekeken naar de vraag of de kabinetsdoelen voor 2020 met het ingezette beleid realiseerbaar zijn. Voor een verdere toelichting op de aanpak van de herijking verwijs ik u naar mijn eerdergenoemde brief aan u van 5 november 2007.

Vraag 4

Wat zijn, daaruit afgeleid, de nationale doelstellingen voor duurzame energie en energiebesparing in 2011?

Antwoord

Voor de kwantificering van tussendoelen voor energiebesparing en hernieuwbare energie verwijs ik u naar mijn eerdergenoemde brief aan u van 5 november 2007.

Vraag 5

Bent u bereid deze vragen te beantwoorden voor het notaoverleg over het werkprogramma Schoon en Zuinig op 29 oktober aanstaande?

Antwoord

Hoewel het mijn intentie was tijdig de antwoorden toe te zenden is het door onverwachte logistieke omstandigheden niet gelukt, hiervoor mijn excuses.

1) Zie: http://www.vrom.nl/pagina.html?id=34251

Hoogachtend,

De Minister van Volkshuisvesting,

Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,