Belang van emissierechten voor land- en bosbouw

de landbouw sector heeft een aanzienlijke potentiële ruimte voor emissiereducties (CO2, N2O, en methaanreductie) ook bosbouw speelt een belangrijke rol; ontbossing voorkómen en meer en betere bebossing is ook voor de CO2-balans beter.

- Rol van bosbouw
- Rol van landbouw
- Europa
- Internationaal/VS

tessel 070.jpg (24953 bytes)


Rol van bosbouw

Op dit moment is er vraag op de zogenaamde ‘voluntary’ markt naar boscertificaten. Kopers zijn bedrijven die dit doen i.v.m. imago, voor de compensatie van hun emissies of om klimaatneutraal te kunnen opereren. Vragers zijn bijvoorbeeld: Greencard Visa, Trees for Travel, Future Forests  etc. in Europe. In de VS is deze markt ook fors en moet niet over het hoofd gezien worden. De opbrengst zit rond de 2 en 5€/ton CO2. Er zijn geen eisen verbonden aan de verificatie; er is geen officiële instantie zoals bij groencertificaten, CO2–emissierechten en NOx-rechten die de certificaten afgeeft voor de vastlegging van CO2 in bos.

Opslag van CO2 in bos telt evenwel wel mee onder voorwaarden bij het halen van de emissieverplichtingen van industrielanden die partij zijn bij het Kyoto Protocol, de ’mandatory’ markt. Dan gaat het om bos in eigen land maar ook extra CO2-opslag bos in ontwikkelingslanden (CDM) en andere industrielanden (JI) zou mee mogen tellen, via de Kyoto Mechanismen. Er gelden de volgende algemene randvoorwaarden en regels (definities):

  • Afforestation: “direct human-induced conversion of land, not been forested for 50 years”
  • Reforestation: “for 2008-2012 limited to lands that did not contain forest on Dec. 31, 1989”
  • Minimum tree cover 10-30%; min.area 0.05-1 ha; minimum tree height 2-5 mr;
  • Soorten CERs:
    • tCER: temporary CERs: expires 2017
    • lCER: long-term CER: expire at end crediting period chosen (2*20/30)
  • independent accredited verifiers audits every 5yr

Er zijn industrielanden die investeren in bos. De CDM Executive Board moet regels voorleggen aan de Conferentie der Partijen bij het Kyoto Protocol over de eisen, monitoring, verificatie, overdracht, uitgifte van CER-certificaten e.d. Die eisen zullen inhouden dat je geaccrediteerde verificateurs nodig hebt en er zijn kosten aan verbonden. Dat is nog slechts gebeurd op het terrein van een aantal ‘technische’ projecten (methaanafvang bijvoorbeeld). Ook wordt er naar duurzaamheid en ‘additionaliteit’ gekeken.  Dat is dus in ontwikkeling. Aan het eind van het jaar vindt er een klimaatconferentie plaats die naar ik hoop richtlijnen zal geven om de CDM-procedure, ook voor bos, wat meer vaart en richting te geven. Ik ben daar aanwezig namens Environmental Defense.

- Interessant is dat er een fonds van de Wereldbank, Bio Carbon Fund bezig is CDM-acceptatie te krijgen voor bos-projecten (men heeft honderden projecten geïdentificeerd middels PIN); daar zijn nog geen resultaten behaald, maar er kan wel gebruik gemaakt worden van expertise e.d.
- Daarnaast is er een organisatie opgericht, de Climate Standards CCBA, die zich richt op acceptatie van bos-projecten d.m.v. het toepassen van (vrijwillige) climate standards, naast dat natuurlijk de CDM rules worden gevolgd. Daar zijn vooraanstaande organisaties bij betrokken, de betrokken personen zijn mij bekend, er is veel belangstelling voor en ik verwacht dat het het hele proces een push kan geven.

Wat de hoeveelheid vastlegging CO2 in bos betreft: een hectare bos neemt gemiddeld 10 ton CO2 per jaar op Dit kan zeer verschillen en is afhankelijk van leeftijd, klimaatzone, type bos, type bodem, relatie met ecosteem etc. (informatie FACE foundation). De Stichting Bos en Hout (SBH) organiseerde 10 sept 2003 een symposium over de rol van Bos voor Energie en CO2. Op de site van de SBH wordt aangegeven welke Kyoto-afspraken er gemaakt zijn voor de rol van bos en wordt uiteengezet hoeveel CO2 per soort boom (inclusief ondergrond) wordt vastgelegd


Rol van de landbouw

De landbouw is op verschillende manieren betrokken bij klimaatverandering: de sector draagt door CO2 (energie), methaan (mest, rijstbouw) en N2O (kunstmest) bij aan opwarming van de aarde. Ze neemt 12% van de Nederlandse broeikasgas-emissies voor haar rekening. Voor de EU komt dat neer op 11%.

  • door klimaatverandering vergaan er steeds meer oogsten en verdwijnt er landbouwgrond;
    Het RIVM en het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) publiceerden in hun rapport Milieucompendium 2001: De opwarming van de aarde heeft zijn effecten op het groeiseizoen. In het afgelopen decennium werd dit drie weken langer dan in de jaren tachtig. De lengte wordt gemeten aan de hand van het aantal dagen met een gemiddelde temperatuur boven de 5 graden Celsius, waargenomen in De Bilt. De hogere temperaturen en de effecten daarvan op planten, hebben ook invloed op dieren. Veel vlindersoorten ontpoppen zich eerder en soorten die normaal in zuidelijker streken leven, komen nu ook in Nederland voor. Het sneller bloeien van de planten zorgt voor een vroeger begin van het hooikoortsseizoen.
  • door duurzame energie toe te passen of producten te verbouwen voor de opwekking van energie kan CO2 bespaard worden;
  • bovendien kunnen er door technische aanpassingen in de landbouw en veeteelt door te voeren vele tonnen CO2 extra vastgelegd worden.
Als de landbouwsector meer CO2 of methaan, N2O  reduceert of extra CO2 vastlegt dan ze verplicht is, kan de vastgelegde CO2 geverifieerd worden en middels certificaten op de CO2-markt verkocht worden. In de EU en Nederland hebben bedrijven ervaring met handel in dergelijke rechten opgedaan (melk-, mest- en visquota bijv).

Belangrijk is in dit verband dat het kabinet een emissie-plafond voor de landbouwsector heeft vastgelegd voor 2008-2010 van 7 Mton CO2 (circa 5 voor glastuinbouw). Dit houdt in feite in dat de sector over alles wat ze met investeringen meer dan dat wordt reduceert, in aanmerking komt voor emissiecredits

Voor het Derde Symposium over Niet CO2-broeikasgassen in Maastricht hebben Hilhorst en Cozijnsen een poster en paper geschreven over onzekerheden bij de meting van niet-CO2 emissies en de mogelijkheden van emissiehandel in de landbouw;

Binnen de sector is aandacht voor het klimaatprobleem en voor de rol van verhandelbare emissierechten:

  • Cozijnsen, CLM en ABAB hebben in mei 2005 een verkennende studie afgerond naar de mogelijkheden van emissiehandel voor de melkveehouderij: "Melkveehouderij als emissiehandelaar-Reddingsboei of molensteen?",
  • Interessent is de oproep van de Engelse National Farmers Union te kijken naar de mogelikheden voor emissiehandel voor die sector (zie rapport NFU november 2005)
  • Het Productschap Tuinbouw (PT) acht de kans groot dat de Glastuinbouw toegevoegd wordt aan het EU emissiehandelssysteem; dat kan Nederland aangeven in het Nationaal Allocatieplan dat uiterlijk mrt.2004 bij de Europese Commissie worden ingediend. Dat is interessant; de NL glastuinbouw wordt steeds inventiever in het vinden van besparingsmogelijkheden; de emissiemarkt kan dit bevorderen. PT is initiatiefnemer van een studie naar CO2-buffering en CO2-maatregelen (Weekblad voor de bloemisterij, 3-10-3);
  • Het LEI heeft in mei 2001 een analyse afgerond in opdracht van LNV: 'Verhandelbare rechten voor de emissie van broeikasgassen in de Nederlandse landbouw; Een verkennende studie'. Hierin concludeerde het LEI o.a. dat de landbouw door invoering van een stelsel van verhandelbare emissierechten bij kan dragen aan de vermindering van broeikasgasemissies. Een deel van de sector zal kopen, een ander deel zal bereid zijn te rechten te verkopen, grotendeels aan andere sectoren.
    Wat betreft het analyseren van de potentie van klimaatmaatregelen in de landbouw heeft het LEI recent een uitvoerig rapport gepubliceerd: 'De klimaatdimensie van voedsel en groen; Opties voor vermindering van de emissies van broeikasgassen
  • LTO heeft deelgenomen aan de SER-advisering t.a.v. emissiehandel en verdiept zich in het instrument. LTO ziet hierbij ook voordelen in het opzetten van een eigen energievoorziening. AGRO en Spark Energy en Rabobank Nederland zijn een samenwerking aangegaan om groene energie te verwerven uit biomassa, zon en wind. 
  • DLO/Alterra onderzoekt de mate van koolstofvastlegging in bos, natuur en landbouw, en de duurzaamheid van deze opties.
    CO2FIX ©, opgesteld door IBN/DLO (Alterra) is het model dat gebruikt wordt voor de berekening van CO2-opname in verschillende types bos
  • Het CLM doet studie naar klimaatmaatregelen in de sector. Men ziet dat bijvoorbeeld de melkveeteelt een rol kan spelen bij de verkoop van emissierechten aan andere sectoren als men extra inspanningen pleegt. Er zijn veel reducties te halen door mestvergisting, duurzame energie, kunstmestbeleid e.d. 
  • Binnen het ministerie van LNV is interesse voor het instrument van verhandelbare emissierechten, doch er is nog geen taakstelling voor de sector voor klimaat. Men wil o.g.v. de LEI-analyse beleidsvoorstellen doen.
In het algemeen kan het instrument van handel in emissierechten een rol spelen in het Reductieprogramma Overige Broeikasgassen: methaan, N2O, HFK, PFK en SF6. Dat moet minimaal 8Mton CO2-equivalenten per jaar opleveren (2008-2012). Maar er is wellicht meer te besparen. Klik hier voor meer informatie over het betrekken van emissiehandel bij overige broeikasgasbeleid.

Europese Ontwikkelingen

In het European Climate Change Programe (ECCP) heeft een Werkgroep 7 van deskundigen en stakeholders in nde EU-landbouw gekeken naar reductiemogelijkheden. 
In het onlangs door de Europese Commissie gepubliceerde rapport staat het volgende:

  • Er zijn veel onzekerheden over gevonden emissie-cijfers. Maar het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (Agenda 2000) leidt reeds tot een EU-reductie van 19 Mton CO2e;
  • Aanvullend zou 8-28 Mton CO2e vastgelegd kunnen worden in landbouwgrond. De werkgroep in ECCP-kader bestudeert deze verwachtingen (Working Group Sinks - Subgroup Soils);
  • Efficiency met bemesting (kunstmest) kan 10 Mton opleveren;
  • Individuele Lidstaten kunnen eveneens verdere maatregelen invoeren;
  • Verkoop van CO2-credits kan de sector extra inkomsten opleveren, ook al voorziet met lage CO2-prijzen in de aanvang van de emissiemarkt. Vooralsnog wordt deze sector niet meegenomen bij de voorgestelde proef Europese emissiehandel (2005-2007), maar die kan wel toegevoegd worden van 2008-2012.

Internationale ontwikkelingen:

Entergy will trap carbon dioxide using no-till 
agricultur  (courtesy USDA)

wpe6BD.jpg (17217 bytes)