,,Overheid moet CO2-handel voor boeren ondersteunen” [Pig Business, maart/apr 2007]

Door: Reinout Burgers


De overheid moet de handel in CO2 rechten voor de varkenshouderij en landbouw ondersteunen. Dat vindt de Nederlandse CO2 handelsdeskundige Jos Cozijnsen. Sinds dit jaar en met het aantreden van de nieuwe regering pleit hij voor het koppelen van de vrijwillige CO2 handel met de verplichte markt, die een aanzienlijke hogere prijs geeft voor de rechten. Met het geld van de rechten kan bijvoorbeeld het financiële gat dat de veranderde MEP-subsidie heeft veroorzaakt, ingevuld worden. Maar de handel in emissierechten zal vooral de landbouw stimuleren om schonere lucht te produceren en het imago van de sector kunnen verbeteren. In Brabant zijn vijf varkenshouders als eerste Nederlandse boeren bezig CO2-rechten te verwerven.

,,De handel in CO2, of eigenlijk methaan, vertaald in CO2-equivalenten, voor de landbouw staat op dit moment nog in de kinderschoenen”, vertelt Jos Cozijnsen. ,,Veel is er onduidelijk. Niet alleen voor de ondernemers, maar ook voor de overheid. Met name de overheid twijfelt of zij de handel in CO2 wil ondersteunen, maar eigenlijk snappen ze niet precies hoe de emissiehandel in dit soort situaties in elkaar steekt. Boeren en andere bedrijven die, zonder daartoe verplicht te zijn, CO2 reduceren, kunnen nu al op de zogenaamde vrijwillige markt hun CO2-credits verkopen. Deze rechten brengen echter vier tot zes euro op, terwijl dit op de verplichte markt vanaf 20 tot dertig euro op kan leveren. Dat geld ontvangt de boer elk jaar, na de jaarlijkse verificatie van het project.” De extra inkomsten kunnen op de verplichte markt al snel oplopen tot zo’n 20.000 euro en voor grotere installatie of investeringen zelfs meer.

De verplichte markt bestaat uit grote megabedrijven, die vanuit de overheid en het Kyoto verdrag verplicht worden om hun CO2 uitstoot te verminderen. Dat kunnen zij doen door technische ingrepen, door het opzetten van projecten die de emissie verminderen of door aankoop van emissierechten. Door het aanscherpen van de emissienormen over een paar jaar  zal de vraag naar rechten nog verder toenemen. Volgens Cozijnsen ligt er daarom voor boeren die investeren in emissie-reducerende techniek een geweldig perspectief. Dan moet de vrijwillige markt echter wel gekoppeld worden aan de verplichte markt voor betere prijzen. In 2005 had de toenmalige regering besloten dat dat niet nodig was; nu staan veel mensen en een kamermeerderheid daar anders tegenover. Cozijnsen: ,,Als de overheid de credits van vrijwillige projecten opwaardeert, dan zullen veel boeren emissie-reducerende maatregelen nemen. In Duitsland en Frankrijk is men thans in een vergevorderd stadium om dit te doen. De Brabantse boeren hebben naar informateur Wijffels een brief gestuurd om dit tijdens de formatie te bespreken en gezien het nieuwe kabinet acht ik de kans groot dat men overstag gaat. Pas in 2008 is het gebruik van vrijwillige emissie-credits op de verplichte markt mogelijk en in april 2009 zullen de eerste certificaten overlegd worden. We hebben dus nog de tijd.”

De landbouw draagt wereldwijd door CO2 (energie), methaan (mest, rijstbouw) en N2O (kunstmest) bij aan opwarming van de aarde. Ze neemt twaalf procent van de Nederlandse broeikasgasemissies voor haar rekening. Voor de EU komt dat neer op elf procent. Door technische investeringen kan de landbouw een behoorlijke milieuwinst boeken en tegelijkertijd en extra inkomsten genereren.