Regering zet 'linking directive' om in wet
Milieubeheer (17/9)
Linking Directive: ofwel de "Regeling voor de handel
in broeikasgasemissierechten binnen de Gemeenschap, met betrekking tot de projectgebonden
mechanismen van het Protocol van Kyoto (zgn. CDM- en JI-projecten).
Op 14 september diende de regering daartoe en wetsvoorstel in bij de Tweede Kamer. Het gaat om een omzetting van
een EU-Richtlijn in Nederlandse wetgeving. De zogenaamde 'Linking Directive' regelt dat
bedrijven onder voorwaarden certificaten voor reducties van projecten in
ontwikkelingslanden (CDM-projecten) en in industrielanden (JI-projecten) mag gebruiken om
de eigen emissies af te dekken.
De bedrijven, die onder EU CO2-emissiehandel vallen, mogen
daar dus EU-emissierechten voor gebruiken en nu dus ook CDM-rechten (CERs, ofwel
gecertificeerde emissiereducties) en vanaf 2008 ook JI-rechten (ERUs, ofwel
emissiereductie-eenheden). De Wet milieubeheer zal verder bepalen dat deze rechten
verhandelbare vermogensrechten zijn en wat dat betreft worden gelijkgesteld met
EU-emissierechten.
Een aantal verdere bepalingen en restricties:
- het mag gaan niet om kern-energie- of grote
waterkrachtprojecten; dat is zo afgesproken in het kader van de regels voor de CDM;
- voorlopig telt CO2-opslag in bos (sinks) nog niet mee, maar
de regering geeft in de Memorie van Toelichting bij het wetsvoorstel aan dat de Europese
Commissie dat waarschijnlijk in haar wijzigingsvoorstellen in 2006 wel wil toestaan. De
Partijen bij het Klimaatverdrag hebben namelijk al voorwaarden afgesproken, waaronder
'sinks' wel toegestaan kunnen worden (regels over monitoring, duurzaamheid van bebossing
etc.);
- een bedrijf mag voor de volgende emissiehandelsperiode
(2008-2012) tot een in het komende Allocatieplan (juni 20o6) bepaalde percentage van de
emissierechten die het bedrijf toegekend waren, de emissies afdekken. De regering denkt
aan 8%; maar men wil dat in de EU hetzelfde % wordt toegepast. Dus als een bedrijf voor
2008-2012 bijvoorbeeld 100.000 ton emissierechten gealloceerd heeft gekregen, dan
mag het bedrijf maximaal 8.000 ton aan emissies afdekken metCERs/ERUs. Tot 2008 is het
gebruik van CDM-rechten onbeperkt (op de vorige 2 punten na);
- als een bedrijf er voor kiest geen CDM/JI-certifaten te
kópen maar de projecten zelf op te zetten of te financieren, dan is daar toestemming voor
nodig van de minister van EZ (voor JI) en de staatssecretaris van VROM (voor CDM);
- Nederland is niet van plan JI-projecten in eigen land toe te
staan. De regering denkt namelijk, dat het lastig is aan te tonen dat een project
'additioneel' is, d.w.z. het is lastig een CO2-besparingsproject te vinden dat niet al
verplicht of gepland is.
Mijns inziens is dat vreemd en ten onrechte. Er zijn immers veel reducties en
energiebesparingen te vinden in het vervoer, bouw, bedrijfsterreinen etc. En Nederland
investeert wel in JI-projcetn n andere EU-landen. het is onjuist dat niet omgekeerd toe te
staan.
|
|