Europa zet emissiehandel in de steigers [FD 8/3]

HAN DIRK HEKKING

De EU begint vandaag te overleggen over de herziening van haar emissiehandelsysteem. De inzet is hoog.

BRUSSEL - De wereldmarkt voor emissierechten kwam vorig jaar neer op zo'n euro 22,5 mrd, meer dan een verdubbeling ten opzichte van 2005 (euro 9,4 mrd). Ook dit jaar stijgt de waarde verder, terwijl de handelsvolumes 50% toenemen, zo heeft het in de handel in emissierechten gespecialiseerde bedrijf Point Carbon gisteren gemeld.

Voor een buitenstaander lijkt er muziek te zitten in de handel in rechten om het broeikasgas kooldioxide ( CO2 ) uit te stoten. Dat is goed nieuws voor de Europese Unie, die met het emissiehandelsysteem (ETS) probeert bedrijven aan te zetten tot minder CO2 -emissies, ofwel zuiniger energiegebruik.

Het idee achter het systeem is dat wie bij productieprocessen kooldioxide uitstoot, hiervoor emissierechten gebruikt. Wie minder emitteert, houdt rechten over en kan die verkopen. Zo ontstaat er een stimulans om zuiniger met energie om te springen.

Ondanks de positieve groeitrend op de emissiemarkt is er een probleem. Er zitten tal van weeffouten in het ETS. Die moeten eruit, ook al om andere, niet-EU-landen te winnen voor het systeem. Brussel beschouwt het ETS als hét mondiale middel om de strijd tegen broeikasgas te voeren, en wil dat meer staten erin participeren.

Om het systeem te verbeteren, begint de Europese Commissie vandaag een serie hoorzittingen waarin ETS-herziening voor na 2012 centraal staat. Er ligt direct al een internationaal probleem. De EU wil in 2020 20% minder CO2 uitstoten dan in 1990. Maar het is onduidelijk wat na 2012 mondiaal de reductieafspraken worden, terwijl Europa dan wel al zijn emissiehandelsysteem heeft herzien, stelt Christian Egenhofer van het Centre for European Policy Studies (CEPS) in een dinsdag verschenen analyse.

Dat laat onverlet dat de reparatie noodzakelijk is. De toewijzing in de eerste ETS-periode van 2005-2007 is rampzalig verlopen; de EU-lidstaten hebben veel te veel rechten uitgegeven, wat de prijs in mei vorig jaar deed kelderen.

Ook de vrije toekenning van rechten aan energiebedrijven op basis van historische uitstoot is verkeerd uitgepakt - zij hebben de prijs van de gratis verkregen quota doorberekend aan hun klanten. 'Het is een grote teleurstelling dat dit gebeurde', zegt emissiespecialist Peter Botschek van Cefic, de Europese belangenorganisatie voor de chemie. 'Wij hadden er van tevoren voor gewaarschuwd.'

Ook de systematiek om de rechten toe te kennen op historische basis deugt niet, aldus Botschek. 'Dit moet veranderen. Want anders beloon je een energiebedrijf voor het feit dat het niet investeert.' Een andere fout was dat er geen uniforme regels zijn voor toekenning van gratis rechten. Sommige lidstaten waren bijvoorbeeld heel royaal met rechten richting hun energiesector, andere niet. Dat was slecht uit concurrentieoogpunt.

De EU moet zich concentreren op consistentere regels bij toewijzing aan energiebedrijven, stelt ook Christian Egenhofer van CEPS. Als de Unie verder nieuwkomers op de energiemarkt ook in de toekomst gratis rechten wil geven, dan moet daarvoor EU-breed beleid gelden.

De vraag rijst hierbij of andere bedrijfstakken ook moeten gaan meedraaien in het emissiehandelsysteem. Nu doen energiesector en industrie mee, terwijl de luchtvaart er in 2011 bij komt. De Commissie heeft geopperd het wegvervoer toe te voegen, maar dat is niet nodig, vinden emissiehandeldeskundigen uit onverdachte hoek, die van het Wereldnatuurfonds (WNF). Het is volgens hen efficiënter om de CO2 -uitstoot door deze sector te drukken via bijvoorbeeld brandstoftaksen en zuinigheidseisen.

Op een ander vlak neemt het WNF wel een afwijkende positie in. Het fonds vindt dat het afgelopen moet zijn met het vrij toekennen van emissierechten. Volgens WNF moet de Unie de CO2 -rechten vanaf 2013 via uniforme regels veilen. Alle andere manieren van toewijzing houden in feite een verstoring van het ETS in, aldus de organisatie.

Er is hierbij wel een probleem: naar wie gaat de opbrengst van de veiling? Het WNF stelt voor om het geld in fondsen voor investeringen in klimaatbescherming te steken, maar het is waarschijnlijker dat lidstaten het veilinggeld willen terugploegen naar ETS-deelnemers. Dat kan leiden tot politieke twisten, en kan strijdig zijn met de regels voor staatssteun, zegt onderzoeksbureau Ecofys in een rapport ten behoeve van de ETS-herziening.

In het debat over revisie, blijft daarbij één belangrijke vraag voor het bedrijfsleven overeind. Verslechtert door de emissiehandel de concurrentiepositie van de Europese industrie? Die moet immers kosten maken voor emissierechten, terwijl de handel ook tot hogere energieprijzen kan leiden.

De Commissie moet op dit vlak nog zendingswerk verrichten om emissiesceptici in het bedrijfsleven over te halen. Uit een eind 2006 gepubliceerde studie van McKinsey en Ecofys, ook gemaakt voor de herzieningsdiscussie, blijkt weliswaar dat het algemene effect van het systeem op de marges van de Europese industrie beperkt is. Maar tegelijkertijd kan de emissiehandel in de aluminiumsmelterij tot versnelling van de productieverplaatsing naar landen met lagere stroomkosten leiden. Ook de cementindustrie staat volgens het onderzoek onder druk om productie te verplaatsen, terwijl dat deels geldt voor papier- en staalproducenten.