RWE beschuldigd van misbruik marktmacht wegens doorberekenen CO2-rechten (21 dec)BONN (Energeia) - De Duitse toezichthouder Bundeskartellamt heeft RWE beschuldigd van een te grote verrekening van CO2-kosten in de stroomprijs. In een voorlopige beoordeling van de hoge elektriciteitsprijzen voor RWE's industriële klanten in 2005, stelt het bureau dat RWE zijn marktmacht heeft misbruikt. Het Bundeskartellamt heeft een vergelijkbare procedure lopen tegen Eon Energie, die volgt direct op de zaak tegen RWE.In 2005 stelde het Bundeskartellamt een onderzoek in naar RWE en Eon, die samen goed zijn voor 60% van de Duitse netto stroomhoeveelheid. Aanleiding van het onderzoek waren klachten van onder andere de Duitse grootverbruikersorganisaties VIK en de Wirtschaftsvereinigung Metalle. De mededingingsautoriteit meent dat het doorberekenen van gratis verkregen emissierechten tot op zekere hoogte gerechtvaardigd is. RWE had maximaal 25% van de kosten van de emissierechten mogen verwerken in de stroomprijzen. Maar een overschrijding van dat percentage, zoals volgens het Kartellamt bij RWE het geval was in 2005, wordt als misbruik van marktmacht gezien. RWE kwam woensdag met een uitgebreide verklaring naar buiten, waarin het de beschuldiging van het kartelbureau bevestigt en zich ertegen verdedigt. Eind februari stuurt RWE een officiële reactie naar het bureau, zoals vereist. Het energiebedrijf "protesteert krachtig" tegen de argumenten van de toezichthouder. "Berekening van de CO2-kosten in de stroomprijs is geen marktmisbruik", zo staat met vette letters boven de verklaring. Het Bundeskartellamt negeert de basiswetten van hoe prijzen tot stand komen op een competitieve markt, stelt RWE. De toezichthouder houdt volgens het bedrijf geen rekening met fundamentele marktmechanismen, die essentieel zijn voor een succesvol klimaatbeleid in Europa. "Het emissiehandelssysteem kan alleen werken, als prijzen voor emissierechten deel zijn van de economische beslissing om bepaalde stroomcentrales in te zetten", stelt RWE. "Het emissiehandelssysteem impliceert daarmee ook politiek gewenste effecten op de stroomprijs. Dit is de enige manier waarop beleid voor klimaatbescherming mogelijk is via energiebesparingen en investeringen in emissie-arme productiecapaciteit", aldus het concern in een verklaring. "Zoals het geval is op de groothandelsmarkt voor elektriciteit, wordt de prijs voor emissierechten bepaald door vraag en aanbod. Er is een Europese marktprijs voor CO2-rechten. De prijs voor CO2-rechten is onderdeel van alle Europese stroommarkten. Het is onbegrijpelijk waarom dit mechanisme, dat in alle Europese landen te zien is, alleen in Duitsland zou moeten gelden als een inbreuk op de anti-kartelwet." RWE beroept zich op "gerespecteerde economen" die bevestigen dat CO2-rechten in de prijs van elektriciteit moeten worden doorberekend, ongeacht of die rechten uitgedeeld zijn, gekocht of verworven via veiling. Het bedrijf noemt onder andere professor Axel Ockenfels, winnaar van de prestigieuze Duitse 'Leibniz Prijs' voor onderzoek, en professor Martin Hellweg, voormalig president van de Duitse Monopolie-commissie. Beide hebben er volgens RWE op gewezen dat de kosten van CO2-rechten worden weerspiegeld in de elektriciteitsprijzen. Hans Grünfeld, directeur van de Nederlandse grootverbruikersorganisatie Vemw, noemt de voorlopige beslissing van het Bundeskartellamt "buitengewoon interessant". "Wij gaan zeker bekijken hoe we hier een vervolg op kunnen geven, hetzij in Nederland, hetzij Europees", zegt hij in Het Financieele Dagblad. Volgens deze krant richt het onderzoek van het Bundeskartellamt zich ook op Vattenfall en MVV. Grünfeld acht het van groot belang dat RWE nu formeel wordt beticht van misbruik van marktmacht. CopyrightŠ, Energeia, 2006 |
|