De Rechtbank in Amsterdam oordeelde op 9 september Milieudefensie ontvankelijk in haar vordering tegen ING (zaaknummer: C/13/766933).
Milieudefensie stelt dat ING deelverantwoordelijk is als grote systeembank en wil dat ING de totale gefinancierde uitstoot van klanten halveert in 2030 en stopt met financiering van olie- en gasbedrijven die nieuwe projecten starten.
Rechtbank gaat vorderingen inhoudelijk beoordelen
De rechtbank lijkt mee te gaan met de stelling dat ING ‘indirect’ verantwoordelijkheid is voor “scope 3 emissies, die niet het gevolg zijn van de activiteiten van ING als financiële instelling maar die elders in de waardeketen ontstaan, zoals de broeikasgasuitstoot door (gefinancierde of gefaciliteerde) economische activiteiten van (zakelijke) klanten van ING’. Milieudefensie wil met haar vorderingen realiseren dat ING haar bijdrage levert aan het bereiken van de 1.5°C.
De rechtbank vindt ook dat de claim in lijn is met de Wet Collectieve Afwikkeling Massaschade (WCAM) en dat Milieudefensie als belanghebbende uiteindelijk baat heeft hij de collectieve actie indien het gevorderde wordt toegewezen. De vraag is of de vordering van Milieudefensie daartoe leidt, maar het ‘vergt een inhoudelijke beoordeling van deze vorderingen’: zegt de rechtbank.
Zal de zaak effect hebben op de emissies?
De vraag is inderdaad of het extra effect heeft en de rechtbank de vordering uiteindelijk toewijst. ING aanpakken op emissies van bedrijven-klanten die zelf al in het EU CO2-emissiehandelsssysteem (#ETS) zitten is in mijns inziens overbodig en dubbeltelling. ING kan er in haar dupliek op wijzen dat het EU ETS de CO2 van haar klanten al verplicht en effectief reduceert.
Dat erkende het Hof van Den Haag in de zaak tegen Shell ook. Daar kreeg Shell geen extra reductiebevel en had het ETS in feite ‘vrijwarende werking‘. Zie ook mijn artikel in het Tijdschrift voor Energierecht. ING kan mijns inziens dan ook een beroep doen op ‘indirecte vrijwarende werking’ van het ETS.
Natuurlijk vallen niet alle klanten van ING onder het EU ETS. Maar dan heb je wel de emissies te pakken die onder de NL en EU verplichtingen vallen.
Tijdpad
Op 2 dec 2026 dient Milieudefensie de conclusie van repliek in. ING dient op 3 maart 2027 de conclusie van dupliek in.
De mondelinge behandeling is 2027-II.
De rechtbank vraagt Milieudefensie overigens het aantal bladzijden te beperken tot 100. De eerste stapel stukken telde honderden pagina’s.
*) ECLI:NL:RBAMS:2026:9098
